Wegwijs Borstvoeding

13. Afkolven van moedermelk

Afkolven kan zowel met de hand als met een afkolftoestel gebeuren. De keuze hangt af van waar de moeder zich best bij voelt en welke methode het meest geschikt is in haar specifieke situatie. Wanneer een moeder bvb. maar occasioneel wil afkolven kan dat makkelijk met de hand en is er geen afkolftoestel nodig. Bij frequent afkolven kan een elektronische kolf aangewezen zijn.

Afkolven is iets dat geleerd moet worden. In het begin zal de moeder vaak slechts kleine hoeveelheden melk afkolven. Haar lichaam moet zich aanpassen en leren om te reageren op de stimuli van het kolven. Het is zinvol om in het begin vooral ’s morgens af te kolven, op een moment dat de moeder wellicht het meest uitgerust is en meer melk heeft. Ter voorbereiding kan de moeder haar borsten masseren, in de richting van de tepel. Ze kan wrijven met de hele hand, kleine cirkelvormige bewegingen met de vingers maken of een vuist maken en met de geplooide vingers over de borst rollen. Wanneer de melk moeilijk toeschiet kan het helpen om warme compressen aan te brengen, de tepels te stimuleren of voorover leunend de borsten te schudden. Ook een foto of kleertjes van de baby bij zich houden kan de toeschietreflex bevorderen.

Bij het bewaren van moedermelk is het steeds belangrijk om hygiënisch te werk te gaan en de handen te wassen alvorens te kolven, moedermelk te ontdooien en te gebruiken. Wanneer men afkolft kan men de melk best rechtstreeks opvangen in een afsluitbaar flesje, potje of moedermelkzakje. Tot de leeftijd van zes maanden moet dit recipiënt steeds steriel zijn. Het is handig om steeds een etiket met datum en eventueel uur van afkolven op het recipiënt te voorzien. Melk van twee verschillende afkolfbeurten kan worden samengegoten op voorwaarde dat de recentst afgekolfde moedermelk eerst gekoeld wordt gedurende enkele uren en nadien bij de reeds gekoelde of ingevroren moedermelk wordt gevoegd. Onderstaand overzicht biedt een overzicht van de kenmerken van de verschillende recipiënten waarin men moedermelk kan bewaren.

Polyethyleen (zakjes)
Goedkoop en geen afwas nodig. Nadeel: fragiel, onnauwkeurige markeringen, vet- en kwaliteitsverlies. Enkel geschikt voor gezonde baby’s.

Harde plastic (polypropyleen / polycarbonaat)
Duurzaam en bruikbaar voor korte koelkastbewaring. Nadeel: krassen verhogen kans op bacteriegroei, klein verlies van cellulaire componenten. Geschikt voor gezonde baby, opvang en prematuren bij korte bewaartijd.

Glas
Behoedt immuunstoffen het best. Nadeel: breekbaar, gevoelig voor licht. Geschikt voor gezonde baby’s, niet voor opvang of prematuren.

Afgekolfde moedermelk wordt best op kamertemperatuur gegeven: dit reactiveert de antistoffen. Opwarmen gebeurt best in lauw water (stromend of ‘au bain marie’) of met een flessenwarmer. Laten opwarmen bij kamertemperatuur wordt afgeraden omwille van bacteriegroei. De meningen zijn verdeeld over opwarmen in de microgolfoven nadelen: beschermende eiwitten verliezen kwaliteit, ongelijke verdeling van de warmte (‘hot spots’) indien de microgolfoven toch wordt gebruikt kan men best in de laagste stand opwarmen en halverwege de melk zachtjes schudden.

Ingevroren moedermelk laat men bij voorkeur traag achteraan in de koelkast ontdooien, niet in de deur of groentelade. Wanneer er geen tijd is om de melk langzaam te laten ontdooien kan men het recipiënt ook onder stromend water houden (van koud naar warm). Het is dan echter belangrijk om het water niet te warm te laten worden aangezien er dan antistoffen verloren gaan. Het is afgeraden om moedermelk te laten ontdooien op kamertemperatuur. Ook mag moedermelk na ontdooiing niet opnieuw worden ingevroren en niet meer worden gebruikt na 24u.

Ingevroren moedermelk laat men bij voorkeur traag achteraan in de koelkast ontdooien, niet in de deur of groentelade. Wanneer er geen tijd is om de melk langzaam te laten ontdooien kan men het recipiënt ook onder stromend water houden (van koud naar warm). Het is dan echter belangrijk om het water niet te warm te laten worden aangezien er dan antistoffen verloren gaan. Het is afgeraden om moedermelk te laten ontdooien op kamertemperatuur. Ook mag moedermelk na ontdooiing niet opnieuw worden ingevroren en niet meer worden gebruikt na 24u.

Als algemene richtlijn kan volgende formule gebruikt worden om de hoeveelheid melk te bepalen die een baby tot de leeftijd van één maand drinkt: 150 ml x kg lichaamsgewicht.

Aantal voedingen per dag aantal voedingen per dag:

Een baby van 4 kg die normaal 10 keer op een dag drinkt zal dus bij benadering 60 ml per voeding nodig hebben. Voor een baby tot de leeftijd van:

  •  2 maanden: 140 ml x kg lichaamsgewicht
  • 3 maanden: 130 ml x kg lichaamsgewicht 
  • 4 maanden: 120 ml x kg lichaamsgewicht 
  • 5 maanden: 110 ml x kg lichaamsgewicht
  • 6 maanden: 100 ml x kg lichaamsgewicht
Ontvang ook uw

Internationale erkenning

Bij een gunstige evaluatie ontvangt u van het Expertisecentrum het certificaat ‘Borstvoedingsvriendelijke Organisatie’ , dat erkend is door UNICEF en Kind en Gezin.
Het certificaat is geldig voor 4 jaar.

U kan tijdens het hele proces beroep doen op concrete ondersteuning.